Vakantiegeld 2026: hoeveel is het en wanneer krijg je het?
Vakantiegeld (vakantiebijslag) is in Nederland meestal 8% van je brutoloon dat je opbouwt en vaak in mei of juni in één keer uitbetaald krijgt.
Hoeveel je precies krijgt, hangt af van welke loononderdelen meetellen, hoe lang je hebt gewerkt in de opbouwperiode en of je werkgever per maand of per 4 weken betaalt.
In dit artikel leer je in 2026 precies hoe de berekening werkt, wanneer je vakantiegeld hoort te krijgen en hoe je jouw loonstrook controleert zonder gedoe.
Wil je ook begrijpen welke bedragen “normaal” zijn bij minimumloon en hoe je loon per uur/week/maand rekent? Lees dan Minimumloon 2026: dit verdien je per uur, week en maand en Minimumloon per leeftijd 2026: overzicht 15 t/m 21 jaar + 21+
Wat is vakantiegeld en waarom het in 2026 soms “tegenvalt”
Vakantiegeld (ook wel vakantiebijslag) is een extra bedrag dat je opbouwt over je loon. Het idee is simpel: je krijgt een potje dat bedoeld is voor vakantie- of vrije tijdskosten. In Nederland is het standaardpercentage vaak 8% van je brutoloon, maar “standaard” betekent niet dat het bij iedereen exact hetzelfde werkt.
In 2026 vallen veel mensen van hun stoel omdat het vakantiegeld lager (of juist hoger) is dan verwacht. Dat komt meestal door één van deze oorzaken: je hebt niet het hele jaar gewerkt, je werkt parttime of wisselende uren, niet alle toeslagen tellen mee, je hebt onbetaald verlof gehad, of je werkgever betaalt vakantiegeld niet in één keer maar maandelijks uit.
Ook belangrijk: vakantiegeld is bruto. Er wordt vaak relatief veel loonheffing op ingehouden, omdat het als “bijzondere beloning” kan worden behandeld. Daardoor kan het nettobedrag minder feestelijk voelen dan je in je hoofd had.
Vakantiegeld 2026: hoe het werkt (18 checks die je echt helpen)
1) Het basispercentage: meestal 8% bruto
Bij de meeste werknemers is vakantiegeld 8% van het brutoloon dat meetelt. Dat betekent: als je in een periode € 2.500 bruto opbouwt over loon dat meetelt, is de opbouw vaak € 200 bruto vakantiegeld. Check: kijk op je loonstrook bij “vakantiebijslag”, “vakantiegeld” of “vakantietoeslag” en zoek het percentage of de opbouw per periode.
2) Opbouwperiode: vaak van juni tot en met mei
Veel werkgevers bouwen vakantiegeld op van juni t/m mei en betalen vervolgens uit in mei of juni. Maar sommige werkgevers gebruiken een kalenderjaar of een andere cyclus. Check: vraag (of kijk in je personeelshandboek/contract) wat jouw opbouwperiode is, zodat je weet over welke maanden je vakantiegeld opbouwt.
3) Wanneer krijg je vakantiegeld in 2026?
In de praktijk wordt vakantiegeld meestal uitbetaald in mei of juni 2026. Dat is geen “magische maand”, maar vooral traditie in veel sectoren. Soms wordt het maandelijks uitgekeerd of bij einde dienstverband. Check: kijk op je loonstrook rond mei/juni of er een aparte regel staat met “vakantiegeld uitbetaling”.
4) Vakantiegeld kan ook maandelijks worden uitbetaald
Sommige werkgevers keren vakantiegeld elke maand uit. Dan bouw je niet (of minder) op en zie je geen grote uitbetaling in mei/juni. Dat voelt alsof je “geen vakantiegeld” krijgt, maar je krijgt het dan verspreid. Check: staat er elke maand een regel “vakantiebijslag uitbetaald” of is je bruto loon hoger met een vaste opslag?
5) Wat telt mee voor vakantiegeld (en wat vaak niet)?
Vakantiegeld wordt meestal berekend over je basisloon en soms over vaste toeslagen. Variabele vergoedingen (zoals echte onkosten) tellen meestal niet mee. Over bonussen gelden vaak aparte afspraken. Check: vergelijk je contract/loonstrook: zie je “grondslag vakantiebijslag” of een apart bedrag waarover wordt opgebouwd?
6) Parttime: je percentage blijft hetzelfde, je bedrag wordt lager
Werk je parttime, dan blijft het percentage vakantiegeld vaak gelijk, maar de grondslag (je brutoloon) is lager. Daardoor is je vakantiegeld lager. Check: reken grof: 8% van je bruto loon dat meetelt over de opbouwperiode en vergelijk dat met je opgebouwde vakantiegeld.
7) Oproepwerk en wisselende uren: let op schommelende opbouw
Bij oproepwerk is je loon per periode anders. Daardoor is ook je vakantiegeldopbouw per periode anders. Dat is normaal, maar het maakt het lastig om “even snel” te voorspellen wat je krijgt. Check: tel je opbouwregels van meerdere loonstroken bij elkaar op voor een realistisch beeld.
8) 4-weken loon: 13 periodes per jaar verandert je gevoel
Als je per 4 weken betaald krijgt, heb je 13 loonperiodes. Je opbouw en uitbetaling kan daardoor net anders voelen dan bij maandloon. Check: kijk of je loonstrook “periode” of “4-weken” vermeldt en tel je opbouw per periode op over alle periodes van de opbouwcyclus.
9) Netto vakantiegeld is vaak lager door “bijzondere beloning”
Vakantiegeld wordt vaak als bijzondere beloning belast. Dat kan betekenen dat er relatief meer loonheffing wordt ingehouden dan op je normale salarisstrook. Check: vergelijk bruto vakantiegeld met netto: verwacht dat het netto lager uitvalt dan 8% van je netto maandloon.
10) Einde dienstverband: wat gebeurt er met je opgebouwde vakantiegeld?
Als je uit dienst gaat, wordt opgebouwde vakantiebijslag meestal (samen met openstaande vakantie-uren) afgerekend in je eindafrekening. Check: vraag bij ontslag of contracteinde expliciet naar je “eindafrekening” en controleer of vakantiegeld en vakantie-uren daarop staan.
11) Nieuwe baan: je krijgt niet ineens “dubbel” vakantiegeld
Als je wisselt van baan, kan het lijken alsof je vakantiegeld misloopt, omdat je opbouwperiode verandert. Je oude werkgever rekent af wat je hebt opgebouwd, en bij je nieuwe werkgever start je opnieuw met opbouwen (of krijg je het maandelijks). Check: bewaar je laatste loonstrook en je eindafrekening van je oude baan; dat is je bewijs van wat er is uitbetaald.
12) Onbetaald verlof: dit kan je vakantiegeld verlagen
Als je onbetaald verlof neemt, bouw je over die periode meestal geen loon op (en dus ook minder vakantiegeld). Dat is logisch, maar het verklaart vaak “waarom het lager is dit jaar”. Check: kijk of je in de opbouwperiode onbetaald verlof hebt gehad en koppel dat aan een lagere opbouw.
13) Ziekte: opbouw en afspraken kunnen per situatie verschillen
Bij ziekte gelden regels voor loondoorbetaling en dat beïnvloedt je loon en daarmee soms ook je vakantiegeldgrondslag. In veel gevallen bouw je door, maar de details hangen af van contract en cao. Check: als je langdurig ziek bent geweest: kijk of je loon (en daarmee je grondslag) is veranderd en of vakantiegeld daarop meebeweegt.
14) Bonus, commissie of ORT: telt dit mee?
Bij variabele beloningen (bonus/commissie) of toeslagen (zoals onregelmatigheid) is het niet altijd automatisch dat alles meetelt voor vakantiegeld. Soms staat er een aparte grondslag in de cao. Check: zoek op je loonstrook of er een aparte “grondslag vakantiebijslag” staat en of variabele componenten daarin zitten.
15) Minimumloon en vakantiegeld: het minimumloon gaat over basisloon
Minimumloon gaat in principe over je basisloon per uur. Vakantiegeld is een extra opbouw/uitkering. Een werkgever kan het minimumloon niet “goedmaken” door te zeggen dat je vakantiegeld later wel krijgt. Check: controleer je bruto uurloon los van vakantiegeld en toeslagen.
16) Veelgemaakte fout: vakantiegeld staat wél op de loonstrook, maar je ziet het niet
Op veel loonstroken staat vakantiegeld als opbouwregel in kleine letters, bijvoorbeeld “VB opbouw” of “vakantiebijslag reservering”. Mensen kijken alleen naar netto en missen die regel. Check: scan je loonstrook op termen als “vakantiebijslag”, “vakantietoeslag”, “reservering” of “opbouw”.
17) Veelgemaakte fout: uitbetaling staat op een aparte loonstrook
Sommige werkgevers maken voor vakantiegeld een aparte loonstrook of een aparte periode. Dan lijkt het alsof je “niets krijgt” in je normale salarisstrook, terwijl het op een losse strook staat. Check: vraag of er in mei/juni een aparte loonstrook is aangemaakt voor vakantiegeld.
18) Als je vakantiegeld ontbreekt: zo vraag je het netjes na
Als je denkt dat je vakantiegeld niet klopt, begin met feiten: periode, opbouwregel, uitbetalingsmoment en je contract. In de meeste gevallen is er een verklaring of een correctie mogelijk. Check: stuur een korte mail: “Kunnen jullie bevestigen wat mijn opbouwperiode is en welk bedrag aan vakantiegeld ik heb opgebouwd tot nu toe?”
Beste aanpak: vakantiegeld in 2026 in 5 stappen controleren
- Check in je contract/cao of je vakantiegeld opbouwt en wanneer het wordt uitbetaald (mei/juni, maandelijks of anders).
- Zoek op je loonstrook de opbouwregel: “vakantiebijslag”, “vakantietoeslag” of “reservering”.
- Reken grof: neem het brutoloon dat meetelt over de opbouwperiode en schat 8% (tenzij jouw regeling anders is).
- Let op uitzonderingen: parttime, wisselende uren, onbetaald verlof, start/stop van dienstverband en 4-wekenbetaling.
- Klopt het niet? Vraag om een overzicht van je opbouw en de gebruikte grondslag, en bewaar loonstroken en eindafrekening.
Conclusie
Vakantiegeld in 2026 is in de basis eenvoudig: je bouwt meestal 8% bruto op over loon dat meetelt en je krijgt het vaak in mei of juni uitbetaald. In de praktijk ontstaan verschillen door betaalritme (maand of 4 weken), parttime of wisselende uren, periodes waarin je niet (volledig) hebt gewerkt en de vraag welke loononderdelen meetellen voor de grondslag. Door je loonstrook te controleren op opbouwregels en je opbouwperiode te kennen, kun je snel zien of het klopt en voorkom je verrassingen.
Disclaimer: dit artikel is algemene informatie en geen persoonlijk juridisch of fiscaal advies. Regels kunnen per situatie verschillen. Volg altijd de instructies op brieven van de Belastingdienst of vraag advies bij twijfel.